HOME
 
 
 
Literaire zwerftocht | Op zoek naar Louwhoek bij Exel
13.12.09 | categorie: Literaire zwerftochten

Laten we weer eens een Gelderlandertochtje maken, zeggen Steven van den Brand en ik wel eens tegen elkaar. Waarna we op pad gaan om een wandeling door een Achterhoeks bos te maken, koffie met gebak te nuttigen in een mooie liefst wat ouderwetse uitspanning en te eindigen in een plaatselijke boekhandel. De "echte" Gelderlandertochtjes maakten we in de tijd dat ik nog een wekelijkse natuurrubriek had in het eens zo aardige ochtendblad.

Hier schreef Jeroen Brouwers enkele van zijn meesterwerken

Steven mocht daar eens in de twee weken een tekening bij leveren. Vaker kon niet, want dan zou mijn rubriek te duur worden. Twee seizoenen heb ik die rubriek volgeschreven en in die tijd vergezelde Steven me regelmatig naar een bos of natuurgebied en zijn we aansluitend in heel wat boekhandels geweest. Het moet in die jaren zijn geweest dat mijn boekenbezit enorm is gaan groeien.

De rubriek in de Gelderlander eindigde nogal abrupt. Ik kon het niet zo goed vinden met de chef van de redactie, die alom bekend stond als de Richelieu van de Achterhoek. Ik had hem een keer niet herkend op een receptie (wat is dat voor vreemd mannetje dat net doet alsof hij mij kent, dacht ik). In een stukje over het landgoed Hagen bij Doetinchem had ik vergeten te melden, dat er dankzij zijn inspanningen een grote poel aangelegd was. Niet veel later kreeg ik te horen dat hij na overleg met de redactie had besloten mijn rubriek stop te zetten. Van dat overleg is nooit sprake geweest heb ik later van de redactie begrepen. Ach, het is een handelswijze die hoort bij de Richelieu's van de wereld. Helemaal uitsterven zullen ze wel nooit.

Een groot gemis was het niet dat ik die Gelderlanderrubriek niet meer hoefde te schrijven. Mijn hart lag altijd toch al meer bij de Beekprikkel, de column die ik toen ook al en nu nog steeds schrijf in de Tubantia (een heel wat trouwere krant, met redactiechefs met wie ik het altijd goed kon vinden). Die Richelieu had zelfs geëist dat ik zou stoppen met mijn column in de Tubantia, want volgens hem kon je maar voor één regionaal dagblad schrijven. Gelukkig heb ik dat geweigerd.

Wat ik en Steven wel misten waren die tochtjes langs bos, café en boekhandel. Oh, in de jaren daarna hebben we ze af en toe nog wel gemaakt, maar veel minder. De Achterhoek verdween geleidelijk aan uit het blikveld en het werden vooral boeken- en cd-tochten naar Münster, Arnhem, Nijmegen, Zutphen en Deventer, een enkele keer ook verder weg. Soms zeiden we nog wel tegen elkaar, dat we weer eens wat vaker een Gelderlandertochtje moesten maken. We spraken over het maken van boekje met beschrijvingen van bossen en natuurgebieden in de Achterhoek. Of een boekje over alle boekhandels van de Achterhoek. Als je met zo'n project bezig gaat, dwing je jezelf immers om die tochtjes weer te maken. Het is er echter nooit van gekomen. Wie zit er immers te wachten op zulke boekjes en waarom zou je er dan een hoop tijd in gaan steken.

Toch is de tijd nu weer rijp om met enige regelmaat een zwerftocht door de Achterhoek te maken. Steven en ik zijn altijd geďnteresseerd geweest in de locaties uit leven en werk van schrijvers, die kort of lang in de Achterhoek zijn opgedoken. Daarom gingen we afgelopen woensdag op zoek naar de boerderij, waar Jeroen Brouwers jarenlang heeft gewoond (inmiddels zit hij alweer jaren in België). We hadden Louwhoek, zoals deze boerderij heet, al wel eerder proberen te vinden, maar toen hadden we aan de verkeerde kant van Lochem zitten zoeken. Dit keer hadden we ons beter voorbereid. Op de topografische kaart had ik opgezocht waar Exel, het buurtschap bij Lochem waar Brouwers woonde lag, en bij nauwkeurige studie bleek zelfs Louwhoek op die kaart te staan.

Jeroen Brouwers houdt er zelf niet van als mensen interesse in het privé-leven van een schrijver vertonen. "Blijf buiten mijn tuin, ik neem aan uw leven geen deel", waarschuwt hij in het verhaal "De Exelse testamenten". Het is dan wel vreemd te merken, dat Brouwers in Querido's letterkundige reisgids van Nederland (een boek dat toe is aan een uitgebreide herziene en aangevulde herdruk!) de samensteller is van het hoofdstuk over de Achterhoek. Maar Brouwers hoeft niet ongerust te zijn, zelfs als hij nog daar bij Exel had gewoond, waren wij niet op zijn erf gestapt. De foto is dan ook door Steven vanuit de auto gemaakt.

Afgelegen ligt de oude woning van Brouwers wel. Vanuit Lochem moet je eerst het Twentekanaal over, waarna je door een voor Achterhoekse begrippen fors bos naar het noorden rijdt. Let goed op, want om in Exel te komen moet je midden in dat bos naar rechts. Eenmaal in Exel ga je rechts en volg je een lange rechte weg. Inmiddels zijn we dan ook aangekomen in het broekontginningslandschap tussen Lochem en Markelo. Een en al open ruimte met knotwilgen langs de wegen. Na zo'n anderhalve kilometer neem je de tweede weg links, waarna na een paar 100 meter Louwhoek opduikt aan de rechterkant van de weg.

Hier heeft Brouwers in alle afzondering jaren gewerkt aan een aantal hoogtepunten uit zijn inmiddels heel behoorlijke oeuvre. Hier schreef hij zijn vermoedelijke beste roman, de Zondvloed. Het is een van de weinige boeken, waarvan ik een eerste druk heb met de handtekening van de schrijver. Ik ben er indertijd speciaal voor naar Zutphen gereisd, waar Brouwers deze roman signeerde. Ik heb er zelfs voor in de rij moeten staan. Er zijn maar weinig schrijvers voor wie ik dat over heb gehad. Daarom moest ik ook wel een keer dat huis zien, waar zoveel begonnen is.

Je moet er dan ook wat voor over hebben, want op deze middag kwam de regen in de omgeving van Lochem werkelijk met zwembassins vol uit de lucht. Even dacht ik, daar moet Brouwers de hand in gehad hebben, het is zijn manier om mensen op afstand van zijn leven, zelfs al is het in het verleden, te houden. Later bleek dat Lochem die middag geteisterd werd door een enorm regenfront, dat Gelderland niet uit wilde drijven. Na de diepreligieuze ervaring bij de oude woning van Brouwers reden we Lochem in. We parkeerden de auto bij de gracht, die steeds voller met water zou raken, terwijl wij nog even de plaatselijke boekhandel aan deden.

Boekhandel Lovink (sinds 1846 zoals op het inpakpapier staat) op de markt te Lochem is zonder meer de apartste boekhandel van de Achterhoek. In deze niet eens qua oppervlak zo grootte boekhandel tref je enorm veel titels aan. De kasten puilen uit en overal in de winkel liggen stapels. Hier kun je nog eens een langgezocht boek vinden, maar ook recent verschenen boeken zijn hier volop te vinden. Alleen moet je bereid zijn te zoeken. Er is wel sprake van enige ordening in de kasten, al functioneert het alfabet daar ook niet optimaal (een euvel waar meer boekhandels last van hebben). Daarbuiten tussen de stapels op de tafels en op de grond word je echter al gauw licht wanhopig. Zou de eigenaar feilloos weten waar elk boek ligt, vroeg ik me later af. Maakt dat wat uit? Voor de meeste mensen zal Lovink een prachtige boekhandel zijn. Wie iemand een boek cadeau wil geven (en dat zijn er nog altijd te weinig) zal hier altijd slagen. Literatuur, natuur, cultuur, koken, kinderboeken, computerboeken, geschiedenis, engelstalige boeken, poëzie, thrillers, damesromans, alles is hier uitgebreid voorhanden.

Alleen voor iemand zoals ik, die nogal nieuwsgierig is naar net verschenen boeken, is het lastiger om bij Lovink te slagen. Die boeken zijn er ongetwijfeld volop, maar ik haak al snel af, wanneer ik langer dan vijf minuten moet zoeken om een gewenste titel te vinden. Het is een reden waarom ik geen groot liefhebber ben van antiquairs en boekenmarkten. Het is me er te vaak een onoverzichtelijk zooitje. In boekhandel Lovink kan ik het nog net verdragen, maar vaker dan een enkele keer per jaar zal ik er niet verschijnen. Er zijn voor mij gemakkelijkere wegen en overzichtelijkere boekhandels om de nieuwste boeken te pakken te krijgen. Met erg veel boeken verlieten Steven en ik Lovink dan ook niet. Dramatisch was dat niet, net zo min als de regen dramatisch was. In een café aan de overkant van de markt namen we koffie met gebak, waarmee we deze eerste literaire zwerftocht door de Achterhoek op een goede manier afsloten. De auto bleek daarna nog bereikbaar, hoewel een deel van Lochem, ik las het de volgende dag in de krant, toch te maken had gehad met een overstromende gracht. Maar zolang daar slechts dure auto's van zeer welgestelde mensen door getroffen worden kan dat nauwelijks een verontrustende gebeurtenis genoemd worden.

Geschreven voor het tweede nummer van Camenzind dat op 23 augustus 2002 is verschenen.

---------------------------- © copyright  Harfsterkamp.nl --------------------------
   
Zoeken op Harfsterkamp.nl:
 
 
 
omslag De winter wist van geen wijken

Samengesteld en geschreven door Bernhard Harfsterkamp
Met foto's van Steven van den Brand
Nog steeds verkrijgbaar bij de plaatselijke boekhandel
 
rustplaats voor auto's

gespieste appels bij de Tricot


belangstellende meeuw


 
Nieuwste artikelen:
24.08.10 - Beekprikkel | Kastanje
23.08.10 - Natuurdagboek | Enkele bloeiende planten van de natuurkalenderroute
22.08.10 - Zweden Beekprikkel 38 | Afwasmachine
21.08.10 - Grensganger | Een Twitter-feuilleton 51 tm 75
20.08.10 - Tovenaars 12 | Ziekenhuis
19.08.10 - Literaire zwerftocht | De hoofdige boer in Almen
18.08.10 - Beekprikkel | Meisjes met rode haren
15.08.10 - Zweden Beekprikkel 37 | Storm
14.08.10 - Ontspanning | Heel geschikt voor de zomeravond
13.08.10 - Tovenaars 11 | Ondergang
 
  © 2009 WDKcommunication & Bernhard Harfsterkamp