HOME
 
 
 
Flamingo road 2 | Het kasteel
18.12.09 | categorie: Snippergeest

Erna: Mus (hoe kom je aan zo'n naam?) vertelde een uiterst saai verhaal over geologie, op een niveau dat ik niet eens meer van een hobbyistische zwetser verwacht. Ik luisterde daarom niet meer en bestudeerde Anniët, die schuin voor me zat. Ik bekeek haar profiel in een schemerig tegenlicht en was onder de indruk. Ze draaide zich om en glimlachte. "Bij deze kwaliteit hebben we het recht om weg te lopen", zei ik. Ze knikte.

Naar het kasteel!

We stapten op. Mus was volledig op zijn betoog geconcentreerd. Ossenberg kon van schrik niet schreeuwen. Jessica en Herman volgden.
"Gaan we ergens heen", vroeg Jessica in een frissere sfeer (ik uit dat vermoeden).
"Naar het kasteel", zei Anniët vastberaden.
"Provocerend is dit natuurlijk wel", zei Herman.
"Nee geenszins", zei ik, "Als iemand niet boeit, wil hij niet gehoord worden."
"Tenzij je extra je best doet", zei Jessica (en doet die man dat ook niet?).
"Ik doe al weken extra mijn best", zei de verteller met een boze intonatie.

Het was niet ver. Na vijftig meter linksaf en dan richting zee. Naast een in de duinen weggedrukt brok gewapend beton stond het kasteeltje. Inderdaad, op een verhoging, want de vloedgolven omspoelden met regelmaat.

Het kasteel was niet opengesteld. Wij hadden dat ook niet verwacht. Vandaar de inspectie om het gebouw heen: muren met prikkeldraad en halve en kwart wijnflessen. Het is geen kwestie van een gebrek aan durf geweest, dat we zijn teruggekeerd naar de poort. Ik glimlachte terwijl ik het kettingslot onderzocht. Toevallig had ik de knoop van mijn broek vervangen door een veiligheidsspeld en wie verbaasde zich daarna nog, dat ik de poort open duwde.

In de toren vonden ze wijn


Ik was me die dag sterker gaan voelen. Waarschijnlijk straalde ik zelfverzekerdheid uit en wie weet, inspireerde dat de anderen. Maar ook zij straalden. Wij sterkten elkaar.

Het kasteel stelde weinig voor. Vermoedelijk evenals al het andere in dit zeegat een zomerverblijf. Een groot kasteel aan de Loire, een prieeltje aan het kanaal. Soms zijn ze sportief en doen ze aan kanaalzwemmen (de tijd wordt vergeten).

We gingen de toren in en kwamen na een paar ogenblikken van wentelgetrap in een ruim vertrek. De maan scheen door een raampje naar binnen. We zagen een bank en alsof het speciaal voor ons was geregeld viel het schijnsel op een aantal flessen wijn, betere wijn dan wij tot nu toe aan tafel en in de kroeg kregen. We vonden een kurketrekker (misschien is het handig om die altijd bij je te hebben) en genoten, eerst stil, later spraakzaam. Anniët zat naast me en ik voelde haar warmte.

Ik huiverde en dacht aan een moment die middag. Gerard en Fred verzorgden een amfibieën-excursie. Met Pierre en Herman liep ik achteraan de stoet ijveraars. Vlak bij een brug over een riviertje stond Anniët in de wegberm te wachten. We begonnen een belangwekkend gesprek (neem ik aan), en die hele middag bleef ze aan mijn zijde. Ik bedoel: ik liep ook niet weg, nou ja, op dat ene moment na dan. We waren in een duinvallei: een grote plas met een smal paadje, eng omgeven door die helmgras-giganten. Opeens had ik overal genoeg van. Dat gezeur aan m'n kop. Ik liet de groep voor wat die was en klom de duinrand op. Boven gekomen ging ik zo zitten, dat ik wel kon kijken, maar niet bekeken kon worden. Ik relativeerde m'n leven en genoot van de stilte. Ook constateerde ik tot mijn genoegen, dat Anniët verward rondkeek. De blikken van een zoekende.

Herman maakte een tweede fles open en om de beurt namen we een slok. Hij vertelde een verhaal over maskers. We zagen een groot bataljon gemaskerden voor ons. Zwarte pokken en een scherm voor het gezicht, een scherm dat spiegelde en de teruggekaatste stralen zo wist te bundelen, dat het effect licht brandend werd. We beefden en slikten.

"Zouden het dezelfden zijn, die de padden met stenen verpletterden", vroeg Jessica.
"Of was het onvoorzichtigheid", zei Herman.
"Van wie dan? Waren wij de eersten die vanmiddag onder de steen hebben gekeken? Wij liepen ergens achteraan en omdat ze ons ongeïnteresseerd noemen en de ware mentaliteit van de anderen moest blijken...."
"Jean, wat lul je nou allemaal", zei Anniët, "Ze zijn heus niet zo erg dat ze het alleenrecht op een object willen hebben. En ze denken evenmin: we hebben 't gezien, dus weg ermee." Nuanceringsplicht.
"Voor het grootste deel van deze excursie gaat dat helaas wel op", zei Jessica.
"Nou ja, je kan niet zeggen dat ze hun best niet doen om de dieren in leven te houden", zei Herman. Vijf dagen lang.
"Was er dan het plan om die padden en salamanders en boomkikkers mee te nemen", vroeg ik nijdig.
"Het was een grap", zei Anniët, "Enkelen wilden eens kijken hoe serieuze biologen overtrokken kunnen reageren op een dergelijke wandaad. Kun je je dat niet voorstellen? Je ziet die vroedmeesterpadjes knipperen met de ogen, omdat ze plotseling worden blootgesteld aan licht en op hetzelfde moment slaan de stoppen door. Een grijns op iemands bek: eeuwige duisternis! Een omstander kijkt verschrikt. 'In vredesnaam, wat doe je nou. In godsnaam, hoe kan je!?' En de beul valt snikkend op de grond en ligt aan de voeten van de ander. 'Oh god, o god, vergeef me. Altijd die afschuwelijke black-outs. Ik weet niet wat het is, ik kan er echt niets aan doen. Het spijt me zo.' Goede christenen vergeven snel en na dit roerend tafereel verschijnen wij, heiligen der natuurwaardering, en staren vol afschuw en vervloeken en knielen en bidden voor de zielen van de vroedmeesters, ach....." Ze snikte.
"Het is werkelijk absurd", zei ik.
"Natuurlijk is het absurd", zei Anniët grinnikend.

En de wolven huilden op het strand.
En de ruiter verdronk.
En wij dronken door. Overdag werd je moe en 's avonds diende je je aangenaam te voelen. Dit is een continu verhaal. Het leven gaat door en ik ga door. Waar het hoofd van vol is, loopt de mond van over. Nooit te beroerd om ons cultureel gemeengoed te gebruiken.

---------------------------- © copyright  Harfsterkamp.nl --------------------------
   
Zoeken op Harfsterkamp.nl:
 
 
 
omslag De winter wist van geen wijken

Samengesteld en geschreven door Bernhard Harfsterkamp
Met foto's van Steven van den Brand
Nog steeds verkrijgbaar bij de plaatselijke boekhandel
 
rustplaats voor auto's

gespieste appels bij de Tricot


belangstellende meeuw


 
Nieuwste artikelen:
24.08.10 - Beekprikkel | Kastanje
23.08.10 - Natuurdagboek | Enkele bloeiende planten van de natuurkalenderroute
22.08.10 - Zweden Beekprikkel 38 | Afwasmachine
21.08.10 - Grensganger | Een Twitter-feuilleton 51 tm 75
20.08.10 - Tovenaars 12 | Ziekenhuis
19.08.10 - Literaire zwerftocht | De hoofdige boer in Almen
18.08.10 - Beekprikkel | Meisjes met rode haren
15.08.10 - Zweden Beekprikkel 37 | Storm
14.08.10 - Ontspanning | Heel geschikt voor de zomeravond
13.08.10 - Tovenaars 11 | Ondergang
 
  © 2009 WDKcommunication & Bernhard Harfsterkamp