| Natuurkalenderwandeling | Kleine opleving |
06.11.09 | categorie: Natuurwandeling
|
Nog steeds ben ik een kleine twee uur bezig met de natuurkalenderwandeling, hoewel het aantal bloeiende soorten wederom iets daalde. Vergeleken met bijna twee weken gelden daalde op 4 november het aantal van 33 naar 30. Blijkbaar is er nog steeds genoeg te zien.

Het is dan ook herfst. Groepjes trekkende vogels, paddestoelen, herfstkleuren: ze doen me regelmatig stilstaan om foto's te maken. Of om alleen maar te kijken en te genieten. Langs de met te veel puin verstevigde Klandermansweg richting stenen brug stuit ik op twee soorten die opnieuw zijn gaan bloeien. Op deze plek zag ik de kluwenhoornbloem en de tijmereprijs echter nog niet bloeien. Dat zegt overigens niets.
Het is immers onmogelijk om een compleet beeld te krijgen van de groei en bloei van de plantensoorten langs mijn vaste route (en van alles wat ons boeit). Hoe vaker een soort voorkomt, des te meer kan ik over de ontwikkeling in de loop van het jaar zeggen. Ook zijn er soorten die slechts op enkele plekken groeien, maar vaak wel met vele exemplaren. Na een paar jaar regelmatig wandelen ken ik die plekken wel en weet ik waar en wanneer ik in een van de seizoenen moet opletten. Het lastigst zijn de soorten die slechts op een enkele plek staan en weinig bloemen laten zien. Die zie ik wel eens over het hoofd. Zo zag ik de brede wespenorchis langs de Klandermansweg pas toen die allang uitgebloeid was. Blijkbaar was ik de keren daarvoor teveel op de andere kant van de weg georiënteerd geweest.

Die tijmereprijs vond ik tot nu toe alleen op de grote grotendeels met gras begroeide parkeerplaats, waar ik bijna altijd mijn wandeling begin. Tussen dat gras bloeide tot in de zomer regelmatig de ereprijssoort. De kluwenhoornbloem heb ik vaker op diverse plaatsen in de bermen aangetroffen, maar bloeiend altijd alleen maar in het voorjaar.
Volgens de Nederlandse Oecologische flora van Eddy Weeda, nog altijd het naslagwerk als je iets over wilde planten van ons land wilt weten, bloeit de tijmereprijs van de lente tot in de herfst. "Het meest staat hij in hiaten in de grasmat van niet te zwaar bemeste weilanden en gazons," lees ik in de flora. Dat is precies de omschrijving van de groeiplaats op de parkeerplaats. "Verder is Tijmereprijs vaan aan te treffen op de rand van zandwegen in bosgebieden, in de gordel waar na regenbuien het afstromend water tijdelijk stagneert." Laat dit nu de omschrijving zijn van de groeiplaats aan de Klandermansweg. Gelukkig maar dat planten zich een beetje houden aan de beschrijving in de vakliteratuur.

Een echte herfstbloeier is de klimop. Daarvan profiteren vele insecten. Zaterdag was ik op een heel andere plek, het Algemene kerkhof waar veel klimop in de perkjes staat. Daar gonsde het werkelijk van de insecten. Bij de groene klimopbloempjes, die in bolvormige schermpjes tussen de altijd groene lianen zijn te vinden, was de bedrijvigheid vanmorgen wat minder. Misschien is het hoogtepunt van de klimopbloei al wel geweest. Voor die andere najaarsbloeier, die astersoort, geldt dat wel, want die begint in ieder geval al behoorlijk te verwelken. Zo ziet het er naar uit, dat de winterperiode nu echt nabij is, ondanks de opleving van enkele soorten, waaronder de witte dovenetel. Maar veel blad is inmiddels van de bomen gevallen. Met twee, drie nachten met vorst zou al het blad wel eens heel snel op de bodem terecht kunnen komen. Bijna een half jaar zullen de bomen dan weer kaal zijn. Die bladertapijten zijn ook mooi. Even, tenminste
|
---------------------------- © copyright Harfsterkamp.nl --------------------------
|